Wat was ik blij dat ik afgelopen periode geen woordvoerder was bij Oxfam Novib of een andere hulporganisatie. Want hoe leg je dat uit aan jezelf in de spiegel? Woordvoerder zijn betekent extern je eigen mening uit zetten. Maar dat is niet altijd makkelijk. Sommige onderwerpen komen zo dichtbij je eigen ethische grenzen. En denken wij als woordvoerders wel vaak genoeg na over wat dat betekent? Is een ethische persoonlijke grens niet ook een ethische professionele grens die we zouden moeten respecteren? Hoe ga je ermee om?

Ik heb uitgelegd dat het politiek vaststellen van de visquota in weerwil van alle onderzoeken wel klopte en dat de publiek omstreden nertsenfokkerij in Nederland er gewoon bij hoort. Persoonlijk vond ik daar van alles van. Maar dat deed niet ter zake. Je hebt als ambtenaar de eed afgelegd en jouw mening is dus ondergeschikt aan het beleid. En ook al ben ik geen ambtenaar meer….  zelfs nu vind ik het lastig om zwart op wit te schrijven dat ik het daar zelf niet mee eens was. Als voormalig woordvoerder van Staatsbosbeheer ben ook ik afgelopen weken veel benaderd en aangesproken op de Oostvaardersplassen. Ook daar vind ik van alles van; niet alleen persoonlijk maar vooral ook professioneel. Ik heb me er niet mee bemoeid. En als ik al wat wil roepen dan is het over de respectloze overemotionele toon en woordkeus van sommige uitingen.

De vraag ‘Maar wat vindt u er nou zelf van, kunt u dit thuis nog uitleggen?’, is voor een woordvoerder in principe de makkelijke inkopper. Als woordvoerder ben je ‘his masters voice’ en daar is aan de buitenkant dus niets tegenin te brengen. Daar blijf je bij. Ook al zoek je als journalist naar emotie; van een woordvoerder zal je het niet krijgen.

Dat is echt niet altijd makkelijk. Als rechtgeaarde relnicht en nieuwsfetisjist heb je wel degelijk een mening. Als je ergens niet in gelooft dan is dat niet makkelijk onder stoelen of banken te steken. Dat voelen we als kijkers. Een ethische kwestie (persoonlijk of professioneel) heeft nooit een eenvoudig ja of nee als antwoord. Het moment, het proces, de betrokkenen, de inhoud; allemaal kunnen ze een rol spelen en ze maken het grijs. Het gaat juist niet om het liegen; liegen is juist heel zwart-wit. Heel makkelijk eigenlijk. Het gaat juist om de mitsen en de maren, de nuances en de buikpijn.

Dus wat kun je wél doen? Vijf opties…

  1. Achter de schermen als luis in de pels het onderwerp helemaal afpellen. Ongeacht mijn mening, moet ik het in elk geval wel goed kunnen uitleggen. Dus praat over je ongemak, de pijnpunten die je ervaart en zorg dat je er een antwoord op krijgt. Jij staat namelijk straks het uit te leggen. Tot op het ongemakkelijke af moet je zorgen dat je vragen blijft stellen.
  2. Train en oefen. Deze keer écht. Help jezelf en bereid het professioneel voor, zelfs al is het maar een klein interview. Oefen het liefst voor camera en met een kritische collega of mediatrainer.
  3. Geloof je buikpijn en spreek die uit. Als je buikpijn hebt of krijgt, dan is er iets aan de hand. De neiging van mensen (zeker met macht) om een onderwerp plat te slaan of voor de zwarte gaten in een dossier weg te lopen getuigt niet van kennis van zaken maar van onzekerheid. En als jij het gevoel hebt dat er iets niet klopt, dan moet dat eerst weg voor je de bühne op kunt. In mijn ervaring was juist het delen van deze gevoelens van ongemak al de helft van het weghalen ervan; ik bleek trouwens ook vaak niet de enige die zich zo voelde.
  4. Wissel van woordvoerder. Als jij het verhaal niet kunt vertellen is er misschien wel iemand in je team of van het project die het makkelijker kan. Wees voor hem/ haar de luis in de pels bij de voorbereidingen. Jouw tegensprekende kracht is een fijne bron voor oefening.
  5. En in het uiterste geval: vertrek. Het is niet voor niets dat het vak van woordvoerders nogal eens wat doorloop heeft op functies. Maar als je niet meer jezelf in de spiegel kunt aankijken, als je professionele ethiek teveel onder druk komt te staan of als de buikpijn zich ophoopt; kies dan een andere organisatie.

Tenslotte, bagatelliseer je eigen ethische persoonlijke grens nooit. Ga eens bij jezelf te raden of je dat buikpijn-onderwerp los kunt laten of dat er nog iets ‘gist’ onder het oppervlakte. Stiekem ligt die persoonlijke ethiek namelijk heel dicht bij je professionele.